Onderzoeken

Video over het ERGO onderzoek

Na het interview volgen de onderzoeken

Na het interview volgen er twee onderzoeksrondes op het ERGO-centrum. Een onderzoekronde duurt anderhalf tot twee uur. Deze onderzoeken worden normaal gepland op dinsdag, woensdag, en donderdag, maar kunnen op verzoek ook op vrijdag of zaterdag plaatsvinden. Bij één van deze rondes vragen wij u om urine mee te nemen en om nuchter te komen in verband met bloedprikken. Meer informatie hierover vindt u op de afspraakbevestiging die u van de interviewster of baliemedewerkster krijgt. 

 

Onderzoeksronde 1

Na binnenkomst vragen wij u om de ingevulde vragenlijsten in te leveren. Na het meten van uw lengte en gewicht wordt er eerst bloed geprikt en wordt u gevraagd urine in te leveren. Hierna krijgt u een licht ontbijt of lunch aangeboden. Na het ontbijt/lunch volgen het onderzoek van het hart en bloedvaten, onderzoek van het geheugen, het eerste deel van het oogonderzoek, en het slaap- en bewegingsonderzoek.

Aan het einde van deze onderzoeksronde wordt met u een afspraak gemaakt voor onderzoeksronde 2. Er zal u dan ook gevraagd worden mee te werken aan een onderzoek naar de darmflora in uw ontlasting. Dit onderzoek wordt nader toegelicht aan de balie en als u hierin toestemt ontvangt u meer informatie.

 

Onderzoeksronde 2

Deelnemers die in onderzoeksronde 1 geen bloedonderzoek hebben gehad worden eerst geprikt en leveren urine in. Vervolgens krijgt u een ontbijt aangeboden. Hierna volgen het huidonderzoek, longfunctieonderzoek, onderzoek naar de spieren, botten en gewrichten, het tweede deel van het oogonderzoek, en een onderzoek van het gehoor. Het onderzoek wordt afgesloten met een gesprek met een uitschrijfarts. 

 

Onderzoeksronde 3

Na afloop van de twee onderzoeksrondes wordt u uitgenodigd voor de 3e onderzoeksronde. Hierbij zal een MRI-onderzoek van de hersenen, bewegingsonderzoek en een zenuwonderzoek aan de onderbenen plaatsvinden. 

Wat wordt onderzocht?

Bloedonderzoek
Echo van de lever
Onderzoek van het hart en bloedvaten
Geheugenonderzoek
Oogonderzoek, deel 1
Slaap- en bewegingsonderzoek
Huidonderzoek
Longfunctieonderzoek
Onderzoek van de spieren, botten, en gewrichten
Oogonderzoek, deel 2
Keel-, neus-, en ooronderzoek
MRI-onderzoek
Looponderzoek
Polyneuropathie onderzoek

Voor de bloedafname gebruiken we een speciale vleugelnaald met een slangetje eraan. Deze naald zorgt ervoor dat u zo min mogelijk last heeft van de bloedafname. We nemen vanuit uw arm 8 buisjes bloed af, dit is in totaal 57 ml. Tijdens de afname stellen we u ook nog een aantal vragen. Ook worden er bij deze gelegenheid uitstrijkjes gemaakt van de neus en de keel. 

Tijdens dit onderzoek brengen wij de bovenbuik, inclusief de lever, in beeld door middel van echografie. Dit is een pijnloos onderzoek, waarbij gebruik wordt gemaakt van geluidsgolven. 

In het eerste deel wordt een ECG (hartfilmpje) en een echografie van het hart gemaakt. Voor de echografie van uw hart wordt u gevraagd het bovenlichaam te ontbloten en op uw linkerzij te gaan liggen. Tijdens het onderzoek brengt de onderzoeksmedewerkster het hart in beeld, voert verschillende metingen uit en slaat de gegevens op. 

 

In het tweede deel worden uw halsslagaderen echografisch onderzocht. Ook wordt hier uw bloeddruk en uw taille- en heupomvang gemeten. Tenslotte worden een aantal vragen gesteld.

Tijdens het geheugenonderzoek worden vragen gesteld en u wordt gevraagd om een aantal kleine opdrachten uit te voeren. Met behulp van verschillende testen wordt onder andere concentratie, handvaardigheid en het verbaal geheugen onderzocht. 

Bij het eerste oogonderzoek worden er vragen gesteld over uw oogheelkundige ziektegeschiedenis. Vervolgens wordt uw gezichtsscherpte gemeten. Hierna worden de ogen door middel van druppels verdoofd en wordt er gele kleurstof in de ogen gedruppeld waarna de oogdruk wordt gemeten. Dit gebeurt met behulp van een blauw lampje en niet met een luchtpufje zoals bij een opticien. Hierna wordt er een kleine camera op uw oog gezet om uw oogbol te meten. De perimetrie is het laatste onderzoek, waarbij u voor het toestel plaats neemt. Dit toestel heeft de vorm van een halve bol, waarin lichtsignalen verschijnen op verschillende plaatsen in het gezichtsveld. Door een druk op een knop kunt u aangeven wanneer u een lichtsignaal ziet. 

Bij het bezoek aan het ERGO-centrum krijgt u een actimeter mee naar huis, die u gedurende een week om de pols draagt. Een actimeter is een klein apparaatje in de vorm van een horloge dat ’s nachts en overdag bewegingen registreert. Daarnaast wordt u gevraagd om gedurende diezelfde week een slaapdagboek bij te houden. De actimeter meet alleen uw gemiddelde hoeveelheid beweging, en dus niet uw locatie en het soort activiteit. 

Binnen het huidonderzoek wordt er gelet op de aanwezigheid van verschillende huidziekten en het voorkomen van spataderen. Tot slot wordt er gekeken naar huidskleur, huidveroudering en micro-organismen. Indien een plekje op de huid met het blote oog niet goed te beoordelen is, wordt het nagekeken met een dermatoscoop. Het meten van uw huidskleur wordt gedaan met een spectrophotometer op de rechterzijde van uw gezicht en de binnenkant van uw rechter bovenarm. Om de aanwezigheid van dieper gelegen spataderen in kaart te kunnen brengen, wordt er ook een echografie gemaakt van de lies, het bovenbeen, de knieholte en de kuit. Verder wordt u gevraagd om plaats te nemen op een stoel om een driedimensionale foto van uw gezicht te maken om de veroudering van de huid te onderzoeken. Tot slot wordt er met een wattenstaafje naast uw neus gewreven om ook de micro-organismen van uw huid te kunnen onderzoeken. Tijdens de onderzoeken worden ook vragen gesteld.

Voor het longfunctieonderzoek wordt u gevraagd plaats te nemen op een stoel en via een slang met een speciaal mondstuk in een apparaat te blazen. Eerst wordt u gevraagd volledig in te ademen en daarna zo snel en zo krachtig als u kunt alle lucht weer uit te blazen. Tijdens het tweede onderdeel wordt u gevraagd om in te ademen, maximaal uit te ademen, daarna maximaal weer diep in te ademen en dan de adem 10 tellen vast te houden. Hierna wordt een test voor het ruimtelijk inzicht gedaan en uw ogen worden gedruppeld voor het oogonderzoek. 

Uw lichaamssamenstelling wordt onderzocht met twee apparaten die een hele laaggedoseerde röntgenstraal toepassen. Tijdens het eerste onderzoek ligt u rustig op een bank terwijl het apparaat de metingen doet. Tijdens het tweede onderzoek wordt uw onderbeen in een apparaat geplaatst wat ter plaatse metingen doet. Verder wordt ook nog  uw spierkracht getest in de zogenaamde sta-op stoel, en wordt de knijpkracht van de hand gemeten.

Voor dit onderdeel heeft u oogdruppels gekregen aan het einde van het longonderzoek. Deze druppels verwijden de pupillen, waardoor u gevoeliger voor licht wordt en wazig kunt gaan zien. Tijdens het onderzoek worden er van beide ogen foto’s gemaakt van de binnenkant van het oog en van de oogzenuw.

Tijdens het KNO-onderzoek wordt het gehoor onderzocht. Bij het eerste gehooronderzoek krijgt u verschillende tonen te horen en moet u aangeven welke u nog kunt horen. Bij het tweede onderzoek hoort u door een koptelefoon ruis met daardoor steeds drie gesproken cijfers achter elkaar. Indien u de cijfers verstaat, is het de bedoeling dat u de cijfers nazegt.

Magnetic Resonance Imaging is een veilige en pijnloze manier om duidelijke beelden te maken van het menselijk lichaam. In dit deel van het ERGO-onderzoek worden alleen beelden van de hersenen en de bloedvaten in de hersenen gemaakt. Tijdens het onderzoek ligt u op een tafel. Een onderzoeksmedewerker schuift deze tafel in het MRI-apparaat. Vervolgens worden de opnamen gemaakt. Het is belangrijk dat u zo rustig mogelijk blijft liggen. Gedurende het onderzoek bent u alleen in de onderzoeksruimte maar kunt u praten met de onderzoeksmedewerker via een intercom, en hen zien via een spiegeltje. U krijgt oordoppen tegen het geluid van de MRI. Dit onderzoek duurt 45 minuten.

Bij het looponderzoek wordt gebruikt gemaakt van een grote mat met daarin druksensoren die uw looppatroon heel precies weergeven. U wordt gevraagd om op de mat te gaan staan zoals u normaal staat. Vervolgens is het de bedoeling dat u over de mat loopt en weer terug. Om de best mogelijke gegevens over uw normale loop te verkrijgen wordt dit driemaal herhaald. Daarna zal u gevraagd worden om over de mat te lopen, halverwege om te draaien en terug te lopen naar het beginpunt. Voor het laatste onderdeel vragen wij u om voet voor voet over de aangegeven lijn te lopen.

Polyneuropathie is een aandoening van de zenuwen in armen en benen. Het polyneuropathie-onderzoek bestaat uit een eenvoudige vragenlijst, onderzoek van de kracht, het gevoel en de reflexen van de benen, en tot slot een kort zenuwgeleidingsonderzoek (EMG). Voor het onderzoek van het gevoel van de benen meten we de vibratiezin met behulp van een stemvork. Voor het reflexonderzoek zullen we met behulp van een reflexhamer de kniepeesreflex en enkelpeesreflex van beide benen opwekken. De kracht van de voeten wordt getest door deze tegen een weerstand in omhoog te trekken. Bij het zenuwgeleidingsonderzoek dienen we kleine schokjes toe via de huid en meten we hoe deze schokjes worden voortgeleid over verschillende zenuwen in de voet. Dit onderzoek wordt in het algemeen niet als pijnlijk ervaren.