Nieuws

Ons onderzoekscentrum is weer geopend!

Vanaf 1 mei is het ERGO centrum weer open voor deelnemers!

 

Wij zijn blij dat wij u weer mogen verwelkomen. Uiteraard staat uw gezondheid voorop en zijn er diverse maatregelen genomen om een veilig bezoek mogelijk te maken. Hierdoor kan een bezoek aan ERGO er anders uitzien dan u gewend bent. Meer hierover leest u in onze folder, klik hier

 

Wij starten ERGO op in fases. Wij zijn begonnen met het uitnodigen van deelnemers uit ERGO Plus en ERGO Jong voor een nieuwe onderzoeksronde.

Daarnaast is ook de PET/CT studie en de MRI studie opnieuw opgestart.

 

Heeft u vragen over een bezoek aan ERGO? Neem dan contact op via telefoonnummer: 010-7038900 of via e-mail: ergo.epi@erasmusmc.nl

 

Wij hopen u snel weer te zien!

 

ERGO ZOEKT DEELNEMER

ERGO bestaat dit jaar 30 jaar en inmiddels hebben bijna 18.000 deelnemers mee gedaan aan ons onderzoek. De tevredenheid van onze deelnemers is onze belangrijkste prioriteit. Wij horen graag wat goed is aan het onderzoek, maar nog liever horen wij wat er verbeterd kan worden. Daarom starten wij dit jaar met een deelnemerspanel.

 

Het doel van dit deelnemerspanel is om op een gestructureerde manier terugkoppeling te krijgen van onze deelnemers. Wat vindt u van de onderzoeken? Zijn ze te belastend? Krijgt u voldoende terugkoppeling? Maar daarnaast willen wij ook graag uw mening over nieuwe onderzoek ideeën.

 

Het panel zal ongeveer 2 keer per jaar bijeenkomen, waarbij de eerste keren digitaal zullen zijn vanwege het coronavirus. Een bijeenkomst zal maximaal 2 uur duren.

 

Lijkt het u leuk om onderdeel te zijn van dit panel? Stuur dan een mail naar ergo.epi@erasmusmc.nl

Krimpende hersenen bij minder sociaal contact

De hersenen van mensen die zich minder sociaal gesteund voelen, krimpen iets sneller dan de hersenen van mensen die meer sociale steun ervaren. Dat ontdekte Erasmus MC-onderzoeker Isabelle van der Velpen.

 

Onderzoeker Isabelle Van der Velpen keek naar het hersenvolume over tijd. Wat bleek? De hersenen van mensen die zich minder sociaal gesteund voelden, krompen iets sneller dan de hersenen van mensen die meer sociale steun ervaarden. Ook keek ze naar het hersenvolume van getrouwde mensen en mensen die nooit getrouwd waren. Getrouwde mensen hadden gemiddeld 8,27 ml meer aan hersenvolume dan ongehuwden. Van der Velpen publiceerde haar bevindingen in het wetenschappelijke tijdschrift Biological Psychiatry: Cognitive Neuroscience and Neuroimaging.

Meer over dit onderzoek leest u op Amazing ErasmusMC

 

Slechte slaper krijgt vaker problemen met rouwen.

Slechte slapers krijgen vaker ernstige problemen als een dierbare overlijdt. Ze kunnen het verlies moeilijker een goede plek geven en lopen een groter risico op lichamelijke of geestelijke klachten die hen langdurig belemmeren in hun sociale leven of hun werk. 

De meeste mensen krijgen te maken met rouw wanneer een dierbare sterft. Het is logisch dat mensen in de periode dat ze rouwen vaker slaapproblemen krijgen. Onderzoekers van het Erasmus MC en de Universiteit van Arizona wilden echter weten of er andersom ook een verband is, dus: lopen mensen die in een normale situatie al slechter slapen meer risico op een moeilijk rouwproces als een dierbare overlijdt?

De onderzoekers stelden daarom vragen over onder andere slaap aan ruim 1500 deelnemers van het bevolkingsonderzoek Erasmus Rotterdam Gezondheid Onderzoek (ERGO). Ook werd hun slaap-waakritme gemeten met een bewegingsmeter, gedurende 7 dagen en nachten. Zes jaar later deden de onderzoekers dat nog een keer in onder andere de deelnemers die inmiddels een dierbare hadden verloren.

 

Meer informatie over dit onderzoek kunt u lezen op het platform Amazing Erasmus

ERGO onderzoek gepubliceerd in The Lancet Healthy Longevity

ERGO promovenda Jendé Zijlmans heeft recent haar onderzoek in de gerenomeerde Lancet Healthy Longevity (= Lancet Gezond Oud Worden) gepubliceerd.

 

Leeftijdsgerelateerde hersenschade kan bij bepaalde individuen leiden tot klinische klachten van deze hersenschade, terwijl andere individuen deze klachten niet hebben. Deze verschillen in gevoeligheid voor hersenschade kunnen worden verklaard door cognitieve reserve en hersenreserve, die verwijzen naar individuele verschillen in de functionaliteit en structuur van de hersenen. Hogere cognitieve en hersenreserve zijn in verband gebracht met een betere gezondheid op latere leeftijd, in het bijzonder een verminderd risico op dementie. Bovendien lijken een hogere cognitieve en hersenreserve ook samen te hangen met een lager sterfterisico, maar tot nu toe was het onduidelijk of deze een wisselwerking hebben met een algemeen leeftijds-gerelateerd verlies van fysieke fitheid, bijv. kwetsbaarheid, met betrekking tot het sterfterisico.

 

Dit hebben we onderzocht bij 1.490 deelnemers van de Rotterdam Studie. Onze studie vond een verband tussen een hogere cognitieve en hersenreserve met een lager sterfterisico. Het verband tussen cognitieve reserve en mortaliteit was meer uitgesproken wanneer we rekening hielden met kwetsbaarheid, wat aangeeft dat een hogere cognitieve reserve leidt tot een lagere mortaliteit met name bij kwetsbare deelnemers. Deze wisselwerking hebben we niet gevonden voor hersenreserve. Samen met eerdere onderzoeken suggereert ons onderzoek dat cognitieve reserve, hersenreserve en kwetsbaarheid concepten zijn waarmee rekening gehouden moet worden bij het onderzoeken van methoden om het sterfterisico te verlagen of gezonde levensjaren te verlengen.

 

De originele publicatie vindt u onder deze link.

ERGO deelnemers deel van groots Nederlands slaaponderzoek

ERGO deelnemers namen deel aan groots Nederlands slaaponderzoek. Dit onderzoek werd uitgevoerd door o.a. postdoctoraal onderzoeker Desi Kocevska (foto) en werd gepubliceerd in het gerenomeerde Nature Human Behaviour

 

In totaal is de slaap van meer dan 1.1 miljoen mensen onderzocht in één van de grootste studies in zijn soort ooit; 200.358 Nederlanders, 471.759 Britten en 409.617 Amerikanen in de leeftijd van 1 tot 100 werden onderzocht. Voor Nederland betekent dit zelfs dat de slaap van meer dan 1% van de Nederlandse bevolking onderzocht is in deze studie.

 

Uit het onderzoek blijkt dat in Nederland niet zozeer de slaapduur een probleem is, maar vooral ook de slaapkwaliteit. Een slechte slaapkwaliteit bestaat onder andere uit problemen met in slaap vallen, doorslapen of niet uitgerust wakker worden. Slechts 6% van de Nederlanders rapporteerde een slaap buiten de hoeveelheid slaap die als acceptabel wordt gezien voor hun leeftijd, al komt dit meer voor bij mensen van middelbare en oudere leeftijd. Zo’n 10 tot 20% van de Nederlandse deelnemers rapporteerde een slechte slaapkwaliteit. Deze klachten komen in de Verenigde Staten zelfs nog tot 3 keer meer voor.

 

Behandeling en preventie zal zich dan ook met name moeten gaan richten op het verbeteren van de slaapkwaliteit, zoals het sneller in slaap vallen of beter doorslapen, in plaats van het simpelweg proberen te verlengen van de slaap. Daarnaast kan de informatie uit dit project gebruikt worden door bijvoorbeeld huisartsen en specialisten als referentiewaarde om meer inzicht te krijgen in de specifieke slaapverwachting voor een patiënt op basis van geslacht en leeftijd.

 

Het project werd gefinancierd door de Hersenstichting en staat aan de basis van de beleidsvorming over slaap van de Hersenstichting en Trimbos. 

 

Wilt u meer weten over slaap? ons slaapexpert en onderzoeksleider Annemarie Luik vertelt hier meer: Weetjes over slaap.

De eerste resultaten van de COVID-19 vragenlijst zorgen voor media aandacht!

Eén op de vijf Nederlanders heeft ondanks medische klachten zorg vermeden tijdens de eerste fase van de COVID-19 pandemie. Dat blijkt uit onze ingevulde vragenlijsten in combinatie met gegevens uit de grootschalige huisartsenregistratiedatabase Rijnmond Gezond in de regio Rijnmond. De studie was onder leiding van ERGO arts en epidemioloog Silvan Licher, en huisarts en onderzoeker Evelien de Schepper van de afdeling Huisartsgeneeskunde van het Erasmus MC.

 

“Van de ERGO deelnemers met medische klachten die geen zorg heeft gezocht of gekregen, rapporteerde ruim een derde (36%) kenmerkende klachten die kunnen duiden op ernstige, onderliggende ziektes, zoals hartaandoeningen, beroertes of kanker.” Aldus Evelien de Schepper aan Amazing Erasmus MC.

 

Silvan Licher: “Deze studie is nog in volle gang, maar de voorlopige resultaten geven een goed beeld van de verandering in zorggebruik als gevolg van de eerste lockdown in de regio Rijnmond”.

 

Interesse? Lees dan het originele artikel op deze link.

Corona-onderzoek ERGO

In april 2020 zijn we gestart met het Corona-onderzoek in ERGO waarbij we vragenlijsten verstuurden naar al onze deelnemers. 

Voor het eerst in de geschiedenis van ERGO was een deel van de vragenlijsten digitaal in te vullen op een PC, laptop of tablet. We hopen dit in de toekomst vaker te kunnen doen!

Op dit moment worden alle verzamelde gegevens geanalyseerd. 

Natuurlijk houden we u op de hoogte van de resultaten van ons onderzoek.  

 

 

Amber Yaqub benoemd tot "Face of Science"

ERGO-onderzoeker Amber Yaqub is door de Koninkelijke Nederlandse Academie van Wetenschappen (KNAW) benoemd tot een van de nieuwe jonge "gezichten van de wetenschap". 

 

Samen met 12 anderen jonge wetenschappers doet Amber mee aan het programma "Faces of Science". Dit is een initiatief van de KNAW, de Jonge Akademie en NEMO kennislink om zo jongewetenschappers in het zonnetje te zetten en jongeren te stimuleren die op het punt staan om een studiekeuze te maken. 

 

 

Amber gaat jongeren een realistisch beeld geven over hoe het is om te werken in de wetenschap.

Foto gemaakt door: Esther Morren

Een Young Investigator Award

Begin februari kreeg Kimberly van der Willik, één van de onderzoekers van ERGO, een Young Investigator Award van de International Cognition and Cancer Task Force (ICCTF) in Denver, Colorado, uitgereikt. Dit is een prijs voor jonge onderzoekers die onderzoek doen naar de functies van de hersenen van patiënten met kanker.

Kimberly vertelt: "We weten dat mensen met een tumor buiten de hersenen, dat wil zeggen buiten het centraal zenuwstelsel, soms problemen kunnen krijgen met verschillende functies van de hersenen. Voorbeelden van deze functies zijn het geheugen en het concentratievermogen. Deze functies noemen we cognitieve functies. Kankerbehandeling zoals chemotherapie kan deze cognitieve functies beïnvloeden, wat kan leiden tot cognitieve problemen.

Steeds meer wetenschappelijk onderzoek laat zien dat patiënten soms ook al voor start van kankerbehandeling cognitieve problemen kunnen hebben. Dit zou erop kunnen duiden dat kanker zelf, los van de behandeling, ook de cognitieve functies nadelig kan beïnvloeden. Maar de cognitieve problemen vlak na een kankerdiagnose zouden ook veroorzaakt kunnen worden door gevoelens van angst en somberheid die patiënten ervaren in deze periode.

Om te kijken wat het effect van de ziekte zelf is op het cognitief functioneren, los van de psychologische factoren, hebben we binnen het ERGO-onderzoek de cognitieve functies en de structuur van de hersenen voorafgaand aan de kankerdiagnose onderzocht. Vaak zijn er namelijk al langere tijd kankercellen in het lichaam voordat de kanker klachten geeft en wordt vastgesteld.

Wij zagen geen verschil in de cognitieve functies van deelnemers die gedurende de looptijd van het ERGO-onderzoek werden gediagnosticeerd met kanker en die van deelnemers die geen kanker hadden gekregen. We zagen wel dat er mogelijk al enkele veranderingen zijn in de structuur van de hersenen voordat iemand met kanker wordt gediagnosticeerd. Dit zou bijvoorbeeld veroorzaakt kunnen worden door een reactie van het lichaam op het ziekteproces, maar meer onderzoek is nodig om dit te bevestigen.

Met dit onderzoek zijn we weer een stapje dichterbij het uitzoeken van de oorzaken van cognitieve problemen bij patiënten met kanker. Er zijn echter nog veel meer studies nodig om alle oorzaken te onthullen, maar de ERGO-deelnemers en het ERGO-onderzoek hebben duidelijk een mooie bijdrage geleverd."

Groot onderzoek naar de preventie van Dementie

Het nieuwe Netherlands Consortium of Dementia Cohorts (NCDC) gaat onderzoek doen naar preventie van dementie, op basis van gegevens die sinds lange tijd worden verzameld in negen Nederlandse cohorten. Ze ontvangen hiervoor subsidie van het ZonMw-programma Memorabel en Alzheimer Nederland.


Dementie is een complexe aandoening met meerdere oorzaken. Zowel aanlegfactoren (genetica) als omgevingsfactoren veroorzaken veranderingen in de hersenen die uiteindelijk leiden tot dementie. Het is onmogelijk om al deze factoren in één cohort te onderzoeken. Door gegevens uit diverse bestaande cohorten te delen, te harmoniseren en in samenhang te onderzoeken, hoopt het nieuwe NCDC consortium beter te begrijpen hoe de ziekte ontstaat. Op deze manier kunnen nieuwe aangrijpingspunten worden gevonden voor preventie van dementie.

 

Wat is een cohort?
Een cohortonderzoek is een onderzoeksmethode waarin een groep personen over lange tijd gevolgd wordt om te kijken welke aanlegfactoren en omgevingsfactoren samenhangen met het ontstaan van ziekte. Er kunnen gegevens verzameld worden met vragenlijsten of met metingen in bloed, in hersenvocht of op hersenscans.

 

De cohorten die hun data delen in dit nieuwe onderzoek zijn:
Amsterdam Dementia Cohort (VUmc)
Doetinchem Cohort Studie (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu)
Erasmus Rotterdam Gezondheid Onderzoek (Rotterdam Study) (Erasmus MC)
European Prevention of Alzheimer’s Dementia consortium (EPAD) (VUmc)
Leiden Longevity Study (LUMC)
Lifelines (UMC Groningen)
Longitudinal Aging Study Amsterdam (LASA) (VU)
Maastricht Study (Maastricht UMC)
Secondary Manifestations of ARTerial disease-Magnetic Resonance (SMART-MR) Study  (UMC Utrecht)

 

Voor het onderzoek naar de preventie van dementie worden zo, van in totaal 200.000 mensen, gegevens in samenhang met elkaar bestudeerd. Het onderzoek gaat aanlegfactoren en omgevingsfactoren relateren aan hersenveranderingen die optreden bij dementie, waaronder de ziekte van Alzheimer en vasculaire dementie, en met geheugenfunctie en het dagelijks functioneren.